Grote schaapskuddes

Een schaapskooi ook wel schaapskuddes genoemd is een zogenaamde potstal en dienst ls onderkomen voor schapen die de heide graasden. De schapen liggen tegenwoordig vaak op stro, maar eerder werden hier heideplaggen voor gebruikt. De schapen poepen dan op de stro heideplaggen en doordat ze in de kooi lopen vermengt het stro of de plaggen zich met de mest. Deze stalmest is zeer vruchtbaar en werd vroeger gebruikt voor de akkers in de omgeving. Door het gebruik van deze mest werden de akker hoger en hoger. De akkers heten essen of engen. De schande van een schaapskooi begrazen over het algemeen onder beheer van een schaapsherder de heide rondom de schaapskooi. Deze vorm van natuurlijk landschapsbeheer zorgt ervoor dat de heidevelden behouden blijven en niet volgroeien met gras, struiken en bomen en uiteindelijk bos worden. 

 

schaapherder

Een schaapherder is iemand die met een groesp schapen hoedt, vaak met behulp van een of meerder herdershonden om de kudde te leiden. Het hoeden van schapen was van oorsprong een rendabele manier om van de verder onbruikbare woeste gronden te profiteren. De kudde bevatte vroeger dieren van verschillende eigenaren. De kuddes verbleven ´s nachts in een als potsal uitgevoerde schaaskooi. Zo verzamelde men de kostbare mest die na verloop van tijd werd verspreid over de essen. De tegenwoordige kuddes zijn bedoeld om heidevelden of andere vegetatie, zoals de bloemdijken van Zuid-Beveland te beheren. Rendabel is het op deze wijze houden van schapen niet meer, de herder is tegenwoordig vaak in dienst van een instelling voor landschapsbeheer. Een unicum in Nederland doet zicht voor bij Ede. Daar hebben als enige in Nederland twee broers de leiding over twee schaapskuddes. De ene herder loopt met een kudde aan de noordkant van de verlengde Arnhemseweg op de Eder Heide. Zijn broer loopt aan de zuidkant op de Ginkelse Heide. 

 

Schaap 

Het schaap is een evenhoevig zoogdier, dat door de mens is gedomesticeerd uit de moeflon om onder andere wol te leveren. De wetenschappelijke nam van dit taxon werd als Ovis aries in 1758 gepubliceerd door Carl Linnaeus. Het schaap is een herkauwer. Bij schapen wordt het mannetje een ram genoemd, het vrouwtje een ooi en het jong een lam. Een gecastreerde man heeteen hamel. Een hamel is rustiger dan een ongesneden ram en wordt daarom van oudsher vaak als leider van een kudde gebruikt, met een bel om de nek: de belhamel. Een groep schapen samen noem je schaapskuddes. 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *